Louis van der Waal (1979) trekt na zijn opleiding Kleinkunst aan het Antwerpse Studio Herman Teirlinck Instituut in 2003 meteen het theater in. Hij speelde bij onder meer bij Toneelhuis, Schaubühne Berlin, Abattoir Fermé en stichting Showmachine en bouwde een carrière op waarin hij even makkelijk ontroert als ontregelt. Zijn rollen in The Golden Boy (Theater Antigone) en de reeks Crashtest Ibsen met Sarah Moeremans maakten duidelijk: hier staat iemand die niet bang is om te zoeken, te schuren en zichzelf te laten verdwijnen in een personage.
Louis speelde mee in de Crashtest Ibsen-serie van Sarah Moeremans, geschreven door Joachim Robbrecht, die naast een tournee in samenwerking met Moeremans&Sons, het NNT (en het laatste jaar ook met Toneelgroep Oostpool) ook vier jaar lang op het zomerfestival Oerol te zien was.
Naast het podium duikt Louis hier en daar op in films en series, waaronder de VPRO serie Lampje, Het Verhaal van Nederland, de speelfilm Patrick door regisseur Tim Mielants en verschillende Belgische niche projecten zoals de miniserie Clinch en Hotel Poseidon van Stef Lernous.
Hij creëerde in het verleden ook eigen werk: uitzonderlijke locatievoorstellingen, podcasts, films, performances, tentoonstellingen en opera’s met gezelschappen als UNM, Ferdnnd (met Mauro Pawlowski en AMVK), eisbar (met Benny Claessens) en De Vrolijke Brigade (Hajo Doorn). Opvallende projecten zijn onder meer de opera’s Slopera en Gabber4Life, en kunstfilms als Frankenstein in Friesland (VHDG) en Plan-B (i.s.m. S.M.A.K. Gent). Zijn beeldend werk was te zien op diverse plekken, van het Middelheim Museum en Into The Great Wide Open tot Pukkelpop en Kin’Act in Kinshasa.