
Voor het eerst spreken we een van onze makers voor de tweede keer! Silke van Kamp maakte al furore met F*CK LOLITA bij Het Zuidelijk Toneel en is nu terug met haar nieuwste creatie I Like Art and Art Likes Me. Een voorstelling waarin Adolf Hitler en Joseph Beuys elkaar fictief gaan ontmoeten. Daar móeten we meer over weten, dus stelden we Silke deze prangende vragen.
Hay Silke! Ben je bekend met voorstellingen van Het Zuidelijk Toneel, dan ken je hoogstwaarschijnlijk wel een voorstelling van jou, zoals F*CK LOLITA of Boomer Galore. Maar voor iemand die nog nooit een voorstelling van jou heeft gezien: waaraan herken je een echte ‘Silke’ voorstelling’ aan? En wat zien we daarvan terug in I Like Art and Art Likes Me?
“Dat kunnen andere mensen denk ik beter beantwoorden. Dus ik heb schrijver/regisseur Jip Vuik en scenograaf/acteur Scott Jun gevraagd daar antwoord op te geven.”
“Silke maakt intellectuele voorstellingen voor mensen die daar normaal gesproken niet van houden. Silke maakt voorstellingen met sterke, interessante vrouwenrollen. Silke maakt intellectuele rollercoasters gegaard in emotionele directheid. Het denken wordt altijd emotioneel, en het gevoelige doordacht. Haar voorstellingen zijn muzikaal, humorvol en rauw voor spelers en publiek. Haar voorstellingen kenmerken zich door een hedendaags onderwerp altijd van vlees en bloed te maken. Silkes kunst gaat altijd op een manier ook altijd over kunst zelf.” - Jip Vuik
"Silke kan met een rauwe radicaliteit en gevoel voor beeld en taal complexe verhalen begrijpelijk en vooral voelbaar maken. Ze creëert in haar voorstelling een fundament van lagen emoties op elkaar en zendt dit bouwwerk met brute kracht het publiek in. Silkes werk gaat over verdieping van relaties en sociale constructen. Ze doet dit met een confronterende eerlijkheid die aan het einde van de voorstelling je botten doet trillen." - Scott Jun
"Ik ben zelf vaak bezig met de-automatiseren. Mensen anders laten denken over onderwerpen die in vaste maatschappelijke denkpatronen zitten. Taal met taal aanvallen, demonteren en dan laten zien hoe je gedachtepatronen uit elkaar kunt halen en als losse elementen kunt zien. En dan: wat kun je hier nog meer van maken? Hoe kan de wereld er nog meer uit zien? Fictie gebruiken om te laten zien dat de realiteit ook een vorm van fictie, verhaaltje, is. En zijn we blij met dat verhaaltje?
Er valt in mijn voorstellingen altijd wat te lachen. Ik houd van lachen en grappen. Er valt vaak ook wel wat te huilen. Daar houd ik ook van. En iemand zei laatst dat mijn werk vaak ook een goede woede in zich draagt. Dat vond ik ook mooi. Mijn werk is meestal een intense ride. Dat wil ik ook. Ik kan het niet half. En ik houd niet van herhaling, dus elke voorstelling is op een bepaalde manier ook steeds weer heel anders. Maar het universum is altijd dicht, geconcentreerd. Het zijn intense universa die ik samen met mijn teams maak. Maar wel een intense ride mét glitters."


